VoetbalJournaal Voorne Putten, najaar 2023

R RO ROB OBE YBE YSE YSP SPO POR OTR SRT TSW SWE WAE AER AR . C R . OC . COM OM M 21 Tom Larssen staat voor laatste stunt met Zuidland Na vijf seizoenen komt er over een paar maanden dan toch echt een einde aan het huwelijk tussen Tom Larssen en eersteklasser Zuidland. Maar niet voordat de hoofdtrainer er ook in zijn tweede periode bij de club, alles aan heeft gedaan om met een hoogtepunt af te sluiten. Al wordt dat niet gemakkelijk. “Dat wisten we van tevoren.” Want met een elfde plaats en slechts twee overwinningen, vallen de resultaten tot nu toe een klein beetje tegen. Al blijven ze bij Zuidland, dat vorig seizoen als nummer twee via de nacompetitie promoveerde, nuchter en realistisch. “Soms heb je een keer een goed jaar, dan ga je naar de eerste klasse”, vertelt Larssen. “Dat zijn heel mooie dingen, maar uiteindelijk zijn we gewoon een tweedeklasser. Zo staan de club en ik er ook in.” Voorlopig ligt hij dan ook nog niet wakker. “Wij worden nooit een stabiele eersteklasser. Dat weten we.” Maar minder fanatiek zijn ze daardoor natuurlijk niet. “Je probeert er altijd het maximale uit te halen, dat is nu handhaving.” Alleen, zo voegt de 63-jarige trainer meteen toe. “Die degradatieregeling is ongelooflijk. Daardoor is het nog moeilijker geworden.” TE WEINIG Toch heeft zijn ploeg al de nodige ‘leuke wedstrijden’ gespeeld, vindt Larssen. “We zijn er nog geen één keer dik afgegaan. Sterker nog, we spelen heel aardig voetbal. Vaak is het eerste uur prima, daarna zakt het wat terug.” Een verklaring, heeft de oefenmeester daar nog niet voor. “In ieder geval niet het conditionele, maar ik weet niet wat wel. Misschien worden we ongeduldig en gaan we uit de positie lopen. Ploegen op dit niveau, blijven dan toch iets meer vanuit de organisatie voetballen.” Al zat het Zuidland tot nu toe ook nog niet echt mee. “Tegen bijna alle ploegen hebben we leuk meegedaan, maar we hebben nog geen wedstrijd te veel gekregen. Geen punt. Eerder zelfs te weinig. Of dat toeval is? Dat weet ik niet.” Want, zo is de oefenmeester ook eerlijk. “Waar we staan is natuurlijk wel kwaliteit.” Aan hem de taak, om de neuzen dezelfde kant op te houden. “Het is zó makkelijk voor een trainer, als de resultaten goed zijn. Dat wordt lastiger, wanneer het minder gaat. Juist dan moet je als groep blijven functioneren en niet uit elkaar vallen. Gelukkig zit dat bij Zuidland wel goed.” Al heeft dat ook een keerzijde, weet hij inmiddels. “Als wij een keer een weekend niet spelen, heb je meteen drie afmeldingen meer. Dat heb je bij andere clubs iets minder.” Toch is Larssen na zijn eerdere periode van zeven jaar, inmiddels verknocht geraakt aan de vereniging. “Het is een fantastische club, met een fantastische groep. En we hebben de afgelopen jaren natuurlijk geweldig gepresteerd. Van de vierde én derde klasse naar de eerste, wie kan dat nou zeggen?” LOYALITEIT Al zijn ze daardoor misschien een klein beetje, de dupe van hun eigen succes. “Wanneer je die kans krijgt, wil je er als sportman voor gaan. Dat hebben we nu twee keer achter elkaar gedaan, dan weet je dat zo’n seizoen als dit kan gebeuren.” Maar Larssen zal allesbehalve zelf, vroegtijdig de handdoek gooien. “Het is niet zo dat we kansloos zijn, we gaan er nog steeds voor. De komende weken worden cruciaal, om te proberen twee teams onder ons te houden.” Met een positieve groep én een klein verbeterpuntje. “Zuidland wil er altijd een echte wedstrijd van maken. Dus als het 1-0 staat, vol op zoek gaan naar meer. Juist dan moet je vanuit de organisatie blijven spelen en genoegen nemen met de stand.” Want, zo heeft de inwoner van Zuidland inmiddels gemerkt. “Andere ploegen hebben minder kansen nodig. Dat is ook kwaliteit. Altijd in het laatste half uur, gebeurt er iets bij ons...” Zaak om daar wat aan te doen, in zijn laatste maanden bij de club dus. “Ik heb er lang over getwijfeld. Het bestuur en de club wilden graag door.” Maar op vakantie, kwam daar opeens het besef. “Sinds mijn 27ste ben ik hoofdtrainer, in al die jaren, ben ik nooit ergens weggestuurd. Het zou jammer zijn als je nu net te lang doorgaat en het dan wel gebeurt.” Helemaal bij Zuidland. “Een geweldige tijd! Met heerlijke gasten. En in totaal vijf of zes keer gepromoveerd.” Mede door het wederzijdse vertrouwen. “Van het bestuur en de spelersgroep. Loyaliteit vind ik heel belangrijk, dat staat bovenaan. Daardoor hebben we samen echt iets opgebouwd. Daar ben ik trots op.” Aan stoppen denkt Larssen voorlopig nog niet. “Al ben ik wel kieskeuriger geworden.” Maar eerst de boel hier mooi afsluiten. “Degradatie zou toch een klein smetje zijn.” De één komt pas net kijken, terwijl de ander barst van de ervaring. Toch spelen Juul Seuren (17) en Romona Postma (35) sinds dit seizoen bij Zuidland in hetzelfde team. En dat is als jongste én oudste binnen Vrouwen 2, best bijzonder. “Soms merk je wel dat je in een andere levensfase zit.” ‘Je leert ook weer dingen van elkaar’ Want vooral voor Seuren, is haar eerste seizoen bij Zuidland één grote ontdekkingstocht. In de zomer kwam ze over van GHVV’13. “Ik heb vanaf mijn zesde bij de jongens gevoetbald, tot de JO19. Toen hoorde ik dat ze hier veel meer mogelijkheden hadden voor dames.” Die mededeling kwam voor haar als geroepen. “Het werd fysiek ook wat heftig. En ik voelde me toch een beetje alleen, ook in de kleedkamer. Nu natuurlijk niet meer!” Sterker nog. “Het is super fijn! Ik werd ook door iedereen meteen goed opgevangen.” Onder andere door Postma, die al langere tijd bij de club zit. “Dit is mijn zesde seizoen! Hiervoor zat ik bij Botlek.” TIJD EN ENERGIE Daarna wilde ze eigenlijk stoppen met voetbal, maar dankzij een paar vriendinnen, deed de ‘nummer 6’ dat uiteindelijk niet. “De chemie met de meiden, is gewoon leuk. Daarnaast is alles goed geregeld.” Met dank aan Hans Schelvis, trainer van Vrouwen 2 en coördinator van het vrouwenvoetbal. “Die verdient echt de credits! Hij steekt er zoveel tijd en energie in. Van trainers, tot kleding. Daar mogen we bij Zuidland echt onze handen mee dichtknijpen.” Al was dat ooit wel eens anders, lacht Postma. “Eerst vond ik hem een beetje vervelend, omdat hij overal bij ons meiden liep weg te trekken. Nu snap ik het! Hij is daardoor een enorme kracht voor de vereniging.” Ook in het geval van Seuren, begint de jongste van de twee te lachen. “Ik was samen met mijn moeder naar de club gereden, daar was niemand, behalve een vader met zijn twee kinderen. Die waren aan het voetballen in de pannakooi. Van hem heb ik toen het nummer van Hans gekregen. Zo hebben we het uiteindelijk geregeld.” En dat bevalt tot nu toe uitstekend. “Iedereen is heel fanatiek en wil winnen, zo ben ik ook.” Als jongste van het team, dus. “Eigenlijk merk ik daar niet veel van. Je zou het denk ik ook niet zeggen.” Want om eerlijk te zijn, weet Seuren niet beter. “Ik wilde vroeger als klein meisje al op voetbal. Mijn vader dacht vast dat het maar ‘even’ zou zijn, iedere zaterdagochtend zo vroeg...” Dat bleek het dus absoluut niet. “Een teamsport is gewoon gezellig. Daardoor blijft het heel leuk.” Ook buiten het veld, vertelt de snelle rechtshalf. “We doen heel veel uitjes samen. Zo zijn we een keer gaan padellen, maar ook gourmetten.” En dus heeft de inwoonster van Geervliet het uitstekend naar haar zin, mede dankzij haar teamgenoot. “Romona is onze aanvoerder, kan heel goed aanwijzingen geven en helpt mij heel erg. Daarnaast heeft ze een goede conditie, dus kan blijven lopen!” TEAMGEVOEL Postma, die op haar veertiende begon bij Hekelingen, herkent zich daar wel in. “Ik moet het vooral hebben van hard werken en veel inzet. Met fanatisme mensen meekrijgen, ik ben niet het voetbaltalent van ons team.” Met die instelling past ze juist uitstekend binnen datzelfde team. “Het is een goede combinatie van presteren en gezelligheid. Veel meiden zijn ook buiten de voetbal bevriend. En na de wedstrijd, blijven er steeds meer hangen.” Toch zijn ze soms ook kritisch op elkaar. “We willen natuurlijk wel winnen.” De sfeer is volgens haar in de afgelopen jaren dan ook enorm verbeterd. Precies wat het voor Postma juist zo leuk maakt. “Op trainingen is er genoeg ruimte voor lol. Het sociale aspect vind ik heel belangrijk. Echt dat teamgevoel. Daarnaast is het een stok achter de deur, om sportief bezig te zijn.” Met dus ook de nodige meiden die wat jonger dan haar zijn. “Soms merk je wel dat je in een andere levensfase zit, maar daardoor leer je ook weer van elkaar. In het enthousiasme, sportieve of vriendinnen zijn.” Wel als verdedigende middenvelder, zo vertelt ze. “Dat is de plek waar ik het liefste speel. In de aanval is een drama, daar moet je mij echt niet zetten.” Gelukkig hebben ze daar Seuren dan weer voor. “Juul is pas net in ons team, maar dat merk je eigenlijk niet. Altijd vrolijk, heel sociaal en makkelijk in de groep. In het veld is ze heel gevaarlijk met haar snelheid en blijft ze maar gaan. Die stopt niet. Ik zie in haar dan ook een stukje toekomst voor Zuidland. Ze heeft echt de kwaliteiten om in het eerste te spelen. Al kan ze nu bij ons ook nog veel leren.” Alleen zal dat niet heel lang meer samen met Postma zijn. “Hierna nog hooguit één seizoen!”

RkJQdWJsaXNoZXIy ODM1NjU=